[ Inhoud | English | Esperanto | Vorige | Hoger | Volgende ]
Het gerechtelijke arrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde heeft als voordeel dat de Brusselse Vlamingen wel degelijk Nederlandstalige rechters hebben, doch bij de rechtbank van eerste aanleg en bij het parket zijn er enkele scheefgroeiingen op te merken.
Volgens de taalwet dient twee derde van de magistraten geslaagd te zijn voor de tweetaligheidsproef in de andere taal, maar de opeenvolgende ministers van justitie Melchior Wathelet , Jean Gol en Philippe Moureaux benoemden eentalige Franstalige en tweetalige Vlamingen tot rechter. Opgesplitst volgens de taalrol en tweetaligheid was de situatie in juli 1997 als op Figuur 2. Hieruit blijkt dat in totaal amper 48% van de rechters tweetalig is, maar dat 85% van de Nederlandstaligen tweetalig is tegen slechts 27% van de Franstaligen. Dit betekent dat enkel in de groep van de Nederlandstaligen voldaan is aan de taalwet!
Hoewel Brussel een stedelijk karakter heeft en Halle-Vilvoorde voornamelijk een landelijk karakter, behandelt het Brusselse parket de zaken uit Halle-Vilvoorde op precies dezelfde wijze als de zaken uit Brussel. Het gevolg is dat vrijwel alle zaken uit Halle-Vilvoorde geseponeerd worden, zodat 95% van alle zaken die wel voorkomen Franstalig zijn. Afgezien van het feit dat dit de situatie in Halle-Vilvoorde niet ten goede komt, wordt dit bovendien aangeroepen door de Brusselse Franstalige partijen en de procureur des Konings Benoît Dejemeppe om het Franstalige kader uit te breiden. Zij vragen met andere woorden dat de taalwet niet langer gerespecteerd zou worden.